Recessieve ziekten

Als je drager bent van een erfelijke aandoening, merk je daar soms niets van. Er is wel een kans dat je de ziekte doorgeeft.

Recessieve ziekte in de familie
Bij recessieve aandoeningen kun je soms generaties lang niets merken van die ‘ziekte in de familie'. Het gaat pas mis als beide ouders drager zijn. Als je allebei hetzelfde foutje doorgeeft, wordt het kind geboren met een aandoening. Op sommige van deze aandoeningen worden baby's via de hielprik getest.

Risico voor volgende kinderen

  • Als beide ouders drager zijn, heeft een kind een kans van één op vier om de aandoening te krijgen.
  • Als je al een kind met deze aandoening hebt, is de kans bij ieder volgend kind weer één op vier.
  • De kans dat je kind de aandoening niet krijgt, is ook één op vier.
  • Er is een kans van één op twee dat je kind ook drager wordt. Dat betekent dat je kind de aandoening later door kan geven aan zijn of haar kind.

Kijk op Erfelijkheid.nl voor meer informatie over recessieve ziektes.

Taaislijmziekte (Cystic Fibrosis)
De recessieve aandoening die het meest voorkomt in Nederland is taaislijmziekte (Cystic Fibrosis). Lees meer over Cystic Fibrosis op NCFS.nl. Het is aan te raden erfelijkheidsadvies te vragen als deze of een andere erfelijke aandoening in jouw familie of die van je partner voorkomt.